Er is weer een nieuw model. Claude Opus 4.8, de opvolger van 4.7. Ik lees zulke releases niet voor de benchmarks. Ik lees ze om te zien wat er verandert aan hoe ik werk, in de sessies die ik geef en in het werk dat ik er zelf mee bouw.
Dit keer zit het verschil niet in een groter getal op een slide. Het zit in de details die je pas merkt na een paar uur werken.
Wat er nieuw is
De kern op een rij. Claude Opus 4.8 draait standaard op een contextvenster van een miljoen tokens en kan tot 128k tokens output geven. Dat is veel ruimte voor lange documenten en lange werksessies.
Verder zijn er een paar dingen die kleiner klinken dan ze zijn:
- Adaptive thinking. Het model denkt alleen door als de vraag dat vraagt. Een simpele opzoeking beantwoordt het meteen, een ingewikkeld probleem denkt het eerst uit. Minder verspilde redeneer-tokens dus, bij dezelfde instelling.
- Fast mode. Een research preview waarbij je tot 2,5 keer zoveel output-tokens per seconde krijgt uit hetzelfde model. Premium geprijsd, maar voor werk waar snelheid telt is dat het soms waard.
- Berichten halverwege bijsturen. Je kunt nu een systeembericht toevoegen midden in een lopend gesprek, zonder de hele instructie opnieuw te sturen. Voor lange agent-loops scheelt dat geld, omdat de cache van de eerdere beurten blijft staan.
- Lagere drempel voor caching. Prompts vanaf 1.024 tokens kunnen nu in de cache. Korte prompts die op 4.7 net te klein waren, profiteren er nu van zonder dat je iets hoeft aan te passen.
- Beter in lange klussen. Minder onderbrekingen bij lange code-sessies en minder gevallen waarin het model een tool overslaat die het eigenlijk moest gebruiken.
De volledige lijst staat in de release-notes van Anthropic.
Mijn favorieten
Niet alles hierboven raakt mijn dagelijkse werk even hard. Drie dingen wel.
Adaptive thinking is voor mij de belangrijkste. Ik werk vaak met een mix van simpele en zware vragen door elkaar. Op het oude model betaalde je bij elke vraag voor denkwerk, ook als het niet nodig was. Nu beslist het model dat per beurt. Dat klinkt technisch, maar het effect is gewoon: minder wachten en minder kosten, zonder dat ik aan een knop hoef te draaien.
Minder onderbrekingen bij lange klussen is het tweede. Als ik een hele dag aan iets bouw, liep de oude versie soms vast op het inkorten van de context. Dan verloor ik draad en tijd. Die momenten zijn er minder, en als ze er zijn herstelt het model er beter van. Dat hoor je niet in een aankondiging, maar je voelt het aan het einde van een werkdag.
Fast mode zet ik niet altijd aan, maar het is fijn dat het er is. Voor een live sessie, waar ik niet wil dat een zaal zit te kijken naar een laadbalkje, is snelheid soms belangrijker dan de laagste prijs.
Wat ik ervan vind
Een model dat per beurt beslist of het moet nadenken, dat past bij hoe ik over deze tools denk. Niet meer kracht om de kracht. Maar minder verspilling, en gereedschap dat zich aanpast aan het werk in plaats van andersom.
Dat is precies het soort verbetering dat je niet ziet in een demo, en wel terugziet in je rekening en je dag. Voor mij telt dat zwaarder dan welk benchmark-getal dan ook.
Dit stuk verscheen ook in het Engels: What’s new in Claude Opus 4.8.
